| |
|
Het woonhuis met winkel in Nijemirdum. |
bron: 100 jaar Steegenga 1899-1999 |
| |
Het begon allemaal in Nijemirdum met Wiepk Roelevink-Hospes. Vanwege de slechte gezondheid van haar man Wieger Roelevink was zij genoodzaakt om zelf de kost te gaan verdienen. Zij ging met een grote mand op stap, naar vrienden, bekenden en familie. Ze verkocht breigaren, hand- en vaatdoeken, werkkleding en daarnaast verkocht ze stoffen om zelf te naaien. Zoals bijvoorbeeld blauwe keper aan de meter, waar vrouwen dan broeken en kielen van maakten. |
Zij betrok haar handel bij Nauta uit Sneek, Lunter en de Groot en Eerdmans in Bolsward. |
Toen haar man op 26 mei 1901 overleed kon zij in haar eigen onderhoud en dat van haar kinderen voorzien, maar om alleen verder te gaan was zeer moeilijk.. Gelukkig kwam er een tweede man in haar leven, Herre Benjamins Steegenga. Herre was los arbeider en hij verdiende nog geen gulden per uur als hij werk had. |
Omdat Wiepk de handel al wat op gang gebracht had, trok hij bij haar in. Met de goederen in een groot zeildoek op zijn rug, waar genoeg "negotie" in zat, liep hij door Gaasterland. Ja, zelfs in Warns en 't Heidenskip werd hij gezien. Dit verschafte hem al gauw de bijnaam "Herre-Pak". |
| |
|
foto 094-008 beschikbaar gesteld door Piet Rienstra uit Nijemirdum |
| |
|
Zoon Benjamin koos voor de confectie. Hij werkte eerst bij de boer, vervolgens bij de melkboer in Heerenveen. Het was in 1925 toen hij in Heerenveen in kontakt kwam met een kledingzaak. Hij wisselde van werkkring en ging met zijn nieuwe handel er op uit.
|
| |
|
bron: Balkster Courant van 2 november 1929 |
| |
| |
| |
| <<< bron: Balkster Courant van 31 maart 1928 |
| |
Jan Wagenmakers draagt in 1930 de afdeling herenkleding over aan Benjamin Herres Steegenga. Op 12 april 1930 wordt de winkel aan de Harichsterzijde in Balk tegenover de Raadhuisbrug geopend. |
De beruchte dertiger jaren waren aangebroken. Elke keer wanneer er nieuwe goederen binnenkwamen moest de oude voorraad worden afgeprijsd (deflatie). Naast consumenten die weinig te besteden hadden, waren er ook nog collega's/concurrenten, zoals confectiehuis Franzen, Nieuwenhuis, Siemen de Jong en Kok, die met elkaar de spoeling dun maakten. |
| |
|
|
De voorgevel van de vernieuwde winkel in 1930 |
foto: collectie Berend Bakker |
| |
| |
Rondom 1937 begon men zakelijk wat meer vooruitgang te boeken en konden er medewerkers aangetrokken worden, zoals Johannes Groenewold. Hij kwam van de klagere school en moest een vak leren. Hij bleef uiteindelijk 49 jaar bij dezelfde baas. |
|
| |
|
foto beschikbaar gesteld door Berend Bakker |
| |
|
|
advertentie uit 1939 in het AR partijblad afdeling Gaasterland |
winkelzakje |
| |
beschikbaar gesteld door Gerard Tijsma |
| |
Toen volgden de oorlogsjaren. gaandeweg werden de goederen schaarser. Toch zag men Steegenga nog steeds met de koffer door Gaasterland fietsen. Maar onder de laatste broeken en petten bracht hij "Trouw" en bonkaarten bij speciale adressen. |
Na de oorlog kwamen de jaren van wederopbouw "Herrijzend Nederland" Langzaam maar zeker groeide de winkel. Het assortiment werd uitgebreid maar ook de te bedienen regio werd steeds groter. Er werd met koffer gereisd van Echtenerbrug tot Stavoren en 't Heidenskip. |
| |
wordt vervolgd |
| |
|