Monument
Ook Jan Oosterhoff uit Balk zit met smart op duidelijkheid te wachten. Als bestuurslid van de Stichting Gaest en Stéd maakt hij zich sterk voor behoud van de Volharding in oude staat. Welke functie het krijgt is voor hem van minder belang. “Voorop staat dat het gebouw intact blijft. Het mag best een functie als wonen zijn”. Met enige argwaan volgt hij al geruime tijd de ontwikkelingen rond De Volharding. Hij betwijfelt of Imca bv het redt. Mocht dat niet het geval zijn dan is er volgens hem nog geen man over boord. Oosterhoff heeft nieuwe gegadigden achter de hand. Hij wil ze niet met name noemen maar het zouden serieuze kandidaten zijn. Spijten zou het hem niet als het deze mensen alsnog zou lukken het pand in bezit te krijgen. “Het zijn deskundige mensen die instaat zijn er iets moois van de maken. Onaardig zou het daarom niet zijn als deze mensen het zouden kunnen overnemen”. Volgens Oosterhoff hadden ze dat eerder al graag gewild. “Destijds bij de veiling van het gebouw hadden ze het wel willen kopen maar kwamen er te laat achter”. Geld lijkt geen probleem. “Ze willen er best een flink bedrag insteken”. De bewuste gegadigden, twee architecten, hebben vaker met het bijltje gehakt. “Ook in andere plaatsen hebben ze oude pakhuizen en fabriekspanden aangekocht en een nieuwe functie gegeven. Ze pakken het ongelooflijk creatief aan”.
Maar de kand dat opnieuw verkoop van De Volharding plaatsvindt is klein. Imca bv is druk doende met planontwikkeling en bereid ook de aankoop van de achterliggende gronden voor. Hoewel Jan Heermans er wel snel mee aan de slag wil is het volgens hem nog maar de vraag of dat haalbaar is. “Er zijn nog heel wat procedures te volgen en dat kan veel tijd vergen”.
Beperkingen
Een Volharding met monument-status hoeft geen beperkingen op te leveren voor bouw/ of verbouwplannen al is het gevolg doorgaans wel dat de eigenaar zich aan regels moet gaan houden. Imca bv ziet dat niet als een probleem. `Je kunt er eigenlijk alle kanten mee uit”, zegt Heermans, “oké, het gemakkelijkste is het af te breken maar dat is niet onze intentie. Voor ons staat het al lange tijd op de privé monumentenlijst”. Aanpassing van het gebouw kan goedkoper uitpakken dan sloop en nieuwbouw. “Als we de gevels laten staan kunnen we er best weer wat moois van maken al zal het van binnen ten aanzien van de verdiepingen wel lastig worden”. Inwendig is het pand nagenoeg uitgebroken maar de gevels zijn sterk genoeg om de nieuwe verdiepingen te dragen. Eerder dit jaar werd door de Stichting Gaest en Stéd een aanvraag ingediend bij de Rijksdienst voor Monumentenzorg in Zeist om het begin 19e eeuwse complex op de monumentenlijst te krijgen. Lukt dat dan gaat dit stukje Balkster industrieel erfgoed zeker niet verloren. Jan Heermans verwacht niet dat het de monumenten-status haalt. “Men komt dertig jaar te laat met die aanvraag”, zegt hij.
Dezer dagen wordt de procedure om tot aanwijzing te komen, opgestart. Volgens Oosterhoff is er haast geboden, “Anders is er straks geen redden meer aan. Het gebouw staat er om te huilen bij”, zegt hij.
Adviezen
Bij de Rijksdienst voor Monumentenzorg ligt de aanvraag al sinds het afgelopen voorjaar op het bureau. Dat pas dezer dagen de procedure tot het inwinnen van de nodige adviezen wordt begonnen komt omdat het nog wachten is op de uitkomsten van een onderzoek van de Stichting Nederlandse Archeologie. Die bekijkt de staat, waarde en kwaliteit van het gebouw. “Als die uitkomsten binnen zijn gaan we verder”, zegt Iepie Attema van Monumentenzorg.
Van verschillende instanties wordt vervolgens advies gevraagd. “Die leggen we op een rijtje en nemen dan een besluit. Daarin weegt ook zwaar een onderzoek van de eigen dienst in mee. Adviezen gaat de rijksdienst inwinnen bij de Raad voor Cultuur, de Commissie voor Industrieel Erfgoed, de gemeente Gaasterlân-Sleat en de Provincie Fryslân. “Pas als alle adviezen gewogen zijn en ook de economische factoren op een rijtje gezet, kunnen we tot een eind oordeel komen”. Sterk wegen zaken als de huidige toestand van het gebouw mee. “De technische staat is belangrijk. Is die slecht dan is dat een minpunt”.
Aan het gebouw De Volharding is door de jaren heen veel gesleuteld. Van de oorspronkelijke versie is allang niets meer over en in de afgelopen decennia is er vooral intern heel wat aan |
gebouw vertimmerd. Verbouwingen tastten de structuur behoorlijk aan. Daarmee ging het oorspronkelijke karakter verloren.
Negatief
Inmiddels is één advies al bekend, dat van de Provincie Fryslân. Het is een negatief advies. “De provincie heeft zich niet bereid verklaard positief te adviseren”, weet Jan Oosterhoff. Volgens Iepie Attema van de Rijksdienst komt dat omdat de provincie zich beperkt tot objecten binnen de bebouwde kom. De Volharding ligt daar buiten. Vanuit het Provinciehuis in Leeuwarden wordt de negatieve advisering bevestigd maar geeft een andere reden op. Provinciaal scoort het oude gebouw weliswaar hoog maar landelijk is het van veel minder betekenis. “Daarin ligt de reden dat de provincie negatief adviseert aan de Rijksdienst”, zegt Anoeska Duinstra. In het kader van het Monumenten Inventarisatie Project (MIP) is het gebouw wel geïnventariseerd maar viel in de daarop volgende selectie af. Voormalige fabriek en woning worden wel als van ‘bijzonder lokaal belang’ omschreven maar getwijfeld wordt aan het rijksbelang.
Iepie Attema verwacht dat er nog wel een tijdje zal verlopen eer de rijksdienst een eindoordeel op tafel kan leggen. “Een periode van een jaar tot anderhalf is daar geen uitzondering voor”, zegt ze. Gedurende die periode geniet De Volharding echter bescherming. “We noemen dat een voorlopige bescherming”, zegt Attema, “een periode waarin er niets aan het gebouw mag worden gedaan”.
Voor plannenmakers, slopers en verbouwers betekent dat in elk geval gedurende die periode een pas op de plaats. Imca bv, de ‘geheimzinnige architecten’ of welke andere plannenmakers ook, hebben zich daarbij neer te leggen. Het is wachten op de beschikking van het ministerie. Pas dan kunnen plannenmakers, met zo het zich laat aanzien, Imca bv voorop, aan de slag.
Hoe dan ook, of het nu al dan niet tot monument wordt uitgeroepen, in beide gevallen zullen belanghebbenden de gelegenheid krijgen beroep aan te tekenen. Binnenkort zal de gemeente Gaasterlân-Sleat al een hoorzitting uitschrijven als onderdeel van haar uiteindelijke advisering aan de rijksdienst voor Monumentenzorg. Wanneer die hoorzitting wordt gehouden is niet bekend.
Vervuiling
En dan is er nog een prangende vraag. Hoe zit het met de omliggende , op een aantal plaatsen ernstig vervuilde grond? Er zal een saneringsplan moeten komen. Zonder zo’n plan zal de gemeente geen vergunningen afgeven. Dat de vervuiling rond de Volharding en omliggende terreinen ernstiger is dan verwacht, wordt door Jan Heermans onderschreven. “We hebben in samenwerking met de Provincie Fryslân een onderzoek laten doen. De uitkomsten vielen tegen”. Uit dat en eerdere onderzoeken is gebleken dat flinke delen van het terrein zijn vervuild met olie en loodhoudende stoffen. Uitgesloten is niet dat ook het grondwater rond de Volharding vervuild is. Vooral plaatsen waar ooit een dieselpomp en schoorsteen hebben gestaan blijken ernstig vervuild. Op de overige terreinen schijnen vroeger scheeps- en jachtbouwers het niet zo nauw met hun afvalproducten te hebben genomen waardoor op verschillende plaatsen flinke concentraties verontreiniging zijn ontstaan.
Uit overleg met de provincie moet nu duidelijk worden hoe tot sanering van de gronden kan worden gekomen. “We zullen daarvoor een plan maken dat het gehele gebied omvat”, zegt Heermans. Wat het Imca bv gaat kosten, wil hij niet kwijt. “Maar het is kostbaar”.
Nieuw is de situatie in Balk voor Imca bv niet. “We lopen bij projecten wel meer tegen dit soort zaken aan”, zegt Heermans. De kosten van sanering wegen mee in de uiteindelijke kosten van het totale plan ter opwaardering van het Volharding-gebied. Hoeveel miljoenen daarmee gemoeid zijn wilde Jan Heermans nog niet zeggen. “We moeten dat nog verder doorrekenen”. Een probleem voor later zijn die extra kosten volgens hem niet. “Er is voldoende belangstelling voor wonen in en rond de Volharding. Daar hebben we in samenwerking met plaatselijk makelaars onderzoek naar gedaan”. Met het opknappen van de bij De Volharding behorende oude rentmeesterswoning is bouwbedrijf van der Veer enige tijd geleden begonnen. De woning wordt mogelijk geschikt gemaakt voor horeca-doeleinden. |