persoonlijke gegevens van Frederik Jacobus Cornelis Schook, Hervormd predikant

Frederik Jacobus Cornelis Schook, geboren op 16 maart 1822 te Tiel, als zoon van Jan Ferdinand Schook, kapitein der artillerie, en Wilhelmina Helena Alberti. Overleden op 16 februari 1911 te Ermelo, 88 jaar oud.
pastorie Hervormde Kerk te Balk
 
Na het vertrek van 'onze veel geliefde leraar' ds. Teunis Jan Jansen Schoonhoven naar Woerden deed de kerkenraad alle moeite om de vacature vervuld te krijgen. Eindelijk na vier jaar vacant te zijn geweest en op 22 predikanten tevergeefs een beroep te hebben gedaan nam de 23e, Frederik Jacobus Cornelis Schook van Loon op Zand, het beroep aan.
Bij het aannemen van het beroep maakte Schook nog enkele kanttekeningen, want hij ging niet over één nacht ijs, hij wilde zekerheid hebben over wie de kosten zou gaan betalen. "Indien Mijne Heren Kerkvoogden soms zwarigheid mogten maken om de kosten van mijne losmaking van den dag mijns afscheid, van mijn overtogt zoo van goed als personen van den dag mijner intrede en dergelijke te betalen, wees dan zo goed om mij de beroepingsbrief terug te zenden of te vernietigen."
De kerkvoogdij handhaafde haar besluit en kwam er niet op terug. Het jaar traktement bestond uit het landstraktement groot f 750,- en kreeg daarbovenop een aanvulling van f 400,-
 
Frederik Jacobus Cornelis Schook
Op 28 april 1861 werd ds. Schook door de consulent ds. Frederik Zacharias Renemann uit Harich bevestigd als 21e predikant van de Hervormde gemeente naar aanleiding van 1 Korinthe 14:4b 'Maar die profeteert die sticht de gemeente'. In de middagdienst aanvaardde ds. Schook zijn dienstwerk met 1 Cor. 2:2 "Want ik heb niet voorgenomen iets te weten onder u dan Jezus Christus en Die gekruisigd"
bron: Leeuwarder Courant van 7 mei 1861 >>>
Tijdens beide diensten hadden leden van de kerkvoogdij zich zitten ergeren en stuurde een boze brief naar de predikant. De ergernis bestond uit het feit dat een gast van Frederik Schook in de kerkvoogdijbank plaats had genomen zonder eerst de kerkvoogden op de hoogte te stellen. Dit was tegen het zere been en daarom een brief naar ds. Schook: "ter voorkoming van wanorde in het kerkgebouw gedurende de eredienst, uit zich voor het vervolg te willen onthouden van, op de aangeduide wijze, over gemelde bank te beschikken ". Voortaan zou er eerst overleg met en toestemming van de kerkvoogdij moeten komen.
Frederik Jacobus Schook studeerde aan de universiteit te Utrecht. Als proponent werd hij op 2 april 1848 in Babyloniënbroek en Den Hill als predikant bevestigd. Deze kleine, lintbebouwde dorpjes liggen in het Land van Altena tussen Maas en Waal. Hij was niet getrouwd en met zijn 3 jaar jongere zus Johanna Arnoldina Isabella als huishoudster bewoonde hij verschillende pastoriën.
Frederik Jacobus Cornelis Schook  
Op 15 februari 1852 werd hij in het Belgische Sint Maria Hoorebeke bevestigd. Dit dorp ligt in de piepkleine protestantse enclave bij Oudenaarde aan de Schelde met de oudste protestante kerk en begraafplaats van Vlaanderen. Na 8 jaar verruilde hij deze gemeente voor die van Loon op Zand, die na een lange vacaturetijd eindelijk weer een predikant in haar midden had. Lang zou hij daar niet blijven. Reeds na een half jaar deelde hij de gemeente mee, dat hij het beroep naar Balk "moest aannemen" . Nog geen jaar daar geweest te zijn hield hij "ten aanhore van een aanzienlijke schare" zijn afscheidspreek op 18 april 1861 en vertrok met zijn zus naar de pastorie in Balk. In 1862 legden 70 gemeenteleden belijdenis van het geloof af. de volgende jaren waren dat er gemiddeld 18. In 1863 deed Klaas Baukes Betzema, kuipersknecht op 72-jarige leeftijd belijdenis. In 1872 waren er dire boven 50 jaar, te weten Janke Gerardus' Samplonius (66 jaar), Trijntje Siemens Bouma (50 jaar) en Jacob Annes Bremer (51 jaar)
Op 6 april 1873 herdacht Frederik Schook het feit dat hij 25 jaar als predikant in de Hervormde kerk werkzaam was.
<<< bron: Leeuwarder Courant van 18 april 1873
Op 29 april 1877 hield Frederik Schook zijn afscheidspreek en vertrok naar Garderen. Na 4 1/2 jaar deelde hij de gemeente van Garderen mee, dat hij "zich gedrongen gevoeld had om dit beroep in des Heeren vreze aan te nemen". In Op- en Neder Andel volgde hij ds. Jacob Adolph Ruijs op die van 1848-1851 in Balk stond. Op 28 november 1888 schreef hij de kerkenraad van Andel met de mededeling, na eerst ervoor bedankt te hebben, dat "hij na rijp beraad en biddend zich gedrongen voelt om het berpe naar Garderen aan te nemen". Voor de tweede maal werd hij predikant te Garderen.
Op 3 april 1898 herdacht Frederik Schook het feit dat hij 50 jaar 'dienaar des Woords' was. Het ontbrak hem die dag niet aan belangstelling, want "een predikant, zo menslievend, zo nederig, zo ijverig in het waarnemen en in de vervulling van zijn ambt en zijn plicht, treft met zelden aan".
De gezondheid van Schook ging achteruit. Hij kon niet meer in alle diensten voorgaan. Hij moets het steeds vaker uit handen geven en daarom vroeg hij noodgedwongen emeritaat aan. Het werd hem verleend en op 11 november 1900 nam hij afscheid. "Hij heeft zijn krachten zoo zeer zien achteruitgaan, dat hij niet in staat was, zelf zijn afscheidsrede te houden". Ds. Kalshoven van Nunspeet heeft dat voor hem gedaan. Dat zal hij als zeer pijnlijk hebben ervaren. Zijn laatse preek hield hij op 21 oktober 1900 met als tekst Handelingen 24: 24 en 25. Na het overlijden van zijn zus werd hijopgenomen in Huize Veldwijk te Ermelo waar hij op 16 februari 1911 op 88-jarige leeftijd overleed. Het was een predikant die gehoor gaf aan de roep van de kleine gemeente die hem nodig had.
 
bron: 525 jaar Protestantse gemeente Balk geschreven door Y.J. v.d. Lageweg gepubliceerd in Ûnderweis februari 2009
 
standplaatsen dominee Frederik Jacobus Cornelis Schook:
Babyloniënbroek en Den Hill 1848-1852, Sint Maria Hoorebeke 1852- 1860, Loon op Zand 1860-1861, Balk 1861-1877
Garderen 1877-1881, Op- en Neder Andel 1881-1888, Garderen 1888-1900
 

 

laatste wijziging: 10 augustus 2009